Onze Pluis

Onze Pluis is niet meer….

Een andere deur is voor haar opengegaan…

Liefste Pluis

Ik schrijf je deze brief omdat men dikwijls aanraadt om je verdriet van je af te schrijven.  Wel, ik wil dat doen door jou een briefje te schrijven.   Okay, het klinkt misschien raar, maar ik wil je bedanken voor alle liefde en genegenheid die je ons allemaal hebt gegeven.

Ik herinner me nog toen je 13 jaar geleden bij ons thuis kwam.  Tanguy zat toen in het vijfde leerjaar en was gaan logeren bij een vriendje.  Daar bij de buren was er een nestje met kittens.  Jij zat ertussen.  Tanguy zag je tussen al die veelkleurige kittens en het was liefde op ‘t eerste gezicht.  Hij zag een grijs bolletje met witte pootjes en nam je in zijn armen.  Hij vroeg of hij jou mocht meenemen.  En dat mocht.  Mijn vriendin belde me op om te zeggen dat je naar huis kwam met een leuke verrassing.  Ik was erg benieuwd en toen stond Tanguy aan de deur met jou in zijn armen.  Ik was op slag verliefd op je!  Je keek me zo smekend aan alsof je mij wou vragen om te mogen blijven.  Bernard en ik waren verloren.  Je mocht blijven.  Tanguy was heel gelukkig!  Je groeide op tot een prachtige poes.  Je deelde alles mee in het gezin.  Een jaar later kwam Figaro erbij.

Onze stoere zwarte kater.  Het klikte tussen jullie en sindsdien aten jullie altijd samen en sliepen ook meestal samen tenzij Figaro liever buiten sliep.

 

 

 

 

 

Lieve Pluis, je was steeds in mijn buurt wanneer ik thuis was.  Als ik in de zetel ging zitten, dan kwam jij onmiddellijk op mijn schoot, je nestelde je in een bolletje.  Ik genoot daar altijd zo van.  Die gezelligheid, wij tweetjes…  Je was er ook steeds wanneer ik me down voelde na de dood van mijn ouders.  Telkens wanneer je me hoorde wenen, kwam je aangelopen om mij te troosten.  Dat was echt heel hartverwarmend.

 

 

 

 

  

Wat je ook heel graag deed was om bij me te komen zitten wanneer ik aan mijn laptop bezig was.  Je genoot van de warmte die eruit kwam en viel in slaap op het ritme van mijn getokkel.  En plots legde je dan een pootje erop en toen wist ik dat ik even pauze moest nemen.  Je wou mijn totale aandacht en die kreeg je ook.

In de zomer lag je ook graag bij mij op de ligzetel.  Als de zon niet te fel scheen, anders lag je gewoon onder mijn zetel.  Maar steeds was je in mijn buurt.  Wat zal ik je verschrikkelijk missen…

 

 

 

 

 

Oja, en wanneer ik mijn Spaans leerde, kwam je ook altijd bij me liggen.  Je gaf me je steun want het was niet altijd evident voor mij om mij te concentreren. Ik word een dagje ouder om te studeren, hé.

 

 

 

 

Je lag ook heel graag in de veranda in mijn speciale rugzetel.  Die kreeg ik voor mijn veertigste en jij had er je vaste stek in.  Je wist wat goed zat.

 

 

 

 

 

 

We werkten dikwijls samen aan mijn blog in de veranda.  Was leuk.  Je gaf me ook inspiratie.  Jammer dat er al zoveel boekjes bestaan over katjes want anders zou ik graag een verhaal geschreven hebben zoals “De dolle fratsen van Pluis”…  Wat zou je daarvan vinden?  Je zou beroemd zijn.  Maar eigenlijk ben je al beroemd.   Hoeveel keer heb je niet op facebook gestaan?  Je was mijn liefste fotomodel.  Al mijn vrienden en vriendinnen kennen je.  Ze zullen het ook jammer vinden om je niet meer te zien…

 

En wanneer je wou tonen dat ik teveel las, ging je gewoon op mijn boek zitten.  Dan wist ik hoe laat het was…

 

 

 

 

 

Je kuierde zo graag door onze tuin : dat was voor jou een paradijs.  Je kende elk hoekje en zocht ook plaatsjes in de schaduw.

 

 

 

 

 

Je kon overal op springen, je was heel lenig, veel leniger dan Figaro.  Je klom elke dag tegen de avond via de vijgenboom op de veranda tot bij het raam van Tanguy’s kamer.  Daar krabde je aan het raam en dan deed Tanguy open.  Jaja, je wist overal je weggetje.

 

 

 

 

Maar sinds enkele weken deed je dat niet meer.  Je geraakte zelfs niet meer op de vensterbank.  Je bleef ‘s avonds mooi aan de voordeur zitten.  Ik vond dat al raar, maar dacht dat je wat ouder aan het worden was en dat je last had van de warmte.  Maar eigenlijk was je al wat ziek en deed je het rustigaan.  Ik vond dat je wat vermagerd was en ging dus woensdagmorgen naar de dierenarts met je.  Ik vermoedde al dat er slecht nieuws op komst was.  Ze zei me dat je een gezwel had in je buikje en dat je niet lang meer te leven had.  Ik zag dat je erg kreunde toen ze eraan kwam.  Ze stelde voor om niet te lang te wachten met je te laten inslapen want je had serieus pijn.

Ze gaf een cortisonespuit en liet me terug naar huis gaan met je.  Eerst liet ik je nog wat in de tuin en je verstopte je in de kleine haag van de voortuin.  Je lag daar graag in.  Ik kreeg de tranen in mijn ogen toen ik je daar zo zag zitten.  Je verstopte je als het ware voor de pijn.

En na een uurtje ben je binnengekomen om te gaan liggen op de grond bij mij aan de zetel.  Ik vroeg of je op mijn schoot wou komen, maar dat lukte niet.  Ik wou je nemen, maar je kreunde van de pijn.  Ik liet je gerust…

Je ademde steeds moeilijker en zwaarder.  Het piepte zelfs.  Ik voelde je pijn.  Ik belde met Tanguy om hem te vertellen hoe erg het met je was en we beslisten dat als het moest dat ik je moest laten gaan.  Het verergerde steeds meer en ik belde naar de dierenarts om te vragen of ik ‘s avonds mocht komen om je te laten inslapen.  En zo ging het : om zeven uur reden Bernard en ik er naartoe.

Het ging vlug.  Je werd in slaap gedaan en dan gaf ze een spuitje in je hartje.  Dat hartje dat ik nooit meer zal voelen kloppen onder mijn strelingen.

We namen je terug mee naar huis en nu lig je op een mooi plekje in de tuin.  Ik wil nog juist een mooie steen zoeken om er jouw naam op te schrijven.

Liefste schat, ik zal je nooit vergeten.  Je hebt heel veel betekend in mijn leven.  Je zit diep in mijn hart.

Slaap zacht.  We zullen je verschrikkelijk missen.  Figaro zoekt je al en komt af en toe bij me zitten. Hij voelt iets.

 Vaarwel lieve schat …